Cirkeldiagram of staafdiagram?

Als je de verdeling van gegevens over verschillende groepen grafisch wilt weergeven, dan kun je kiezen voor een cirkeldiagram of een staafdiagram. Welke van deze twee typen grafieken is beter? De media kiezen vaak voor een cirkeldiagram, maar een staafdiagram is toch meestal beter. We leggen uit waarom dat zo is.

Als je de verdeling van gegevens over verschillende groepen grafisch wilt weergeven, dan kun je kiezen voor een cirkeldiagram of een staafdiagram. Welke van deze twee typen grafieken is beter? De media kiezen vaak voor een cirkeldiagram, maar een staafdiagram is toch meestal beter. We leggen uit waarom dat zo is.

Figuur 1 bevat een cirkeldiagram van de verdeling van de ontwikkelingshulp van de EU over de verschillende delen van de wereld. De grafiek werd in januari 2015 gepubliceerd door het Europese Parlement. Het cirkeldiagram (ook wel taartdiagram genoemd) is zo gemaakt dat de sectoren de omvangen van de groepen aangeven. Hier heeft de groep ‘Africa, South of Sahara’ de grootste sector (‘taartpunt’). Kennelijk gaat 33,5% van de ontwikkelingshulp naar dit deel van de wereld.

Figuur 1. Een cirkeldiagram

ontwikkelingshulp-pie

Het cirkeldiagram in figuur 1 heeft een aantal tekortkomingen. In de eerste plaats is het lastig om af te lezen hoe groot de sectoren zijn. Het is ook moeilijk sectoren onderling met elkaar te vergelijken. Dat wordt hier opgelost door de percentages erbij te zetten. Helaas is het wel zo dat enkele sectoren zo klein zijn dat er geen ruimte is voor de bijbehorende percentages. Daarom zijn de percentages maar weggelaten. Dat helpt niet echt bij het duiden van de grafiek.

Om de verschillende sectoren van elkaar te kunnen onderscheiden is het nodig om verschillende kleuren te gebruiken. Die kleuren hebben verder geen betekenis. Ze zijn niet functioneel. Het is belangrijk dat de ene kleur niet meer de aandacht trekt dan de andere kleur. Daarom moeten alle kleuren ongeveer even fel (verzadigd) zijn.

Om te kunnen bepalen welke sector bij welke groep hoort, moet je een legenda bij de grafiek zetten. Figuur 1 bevat daarvan een voorbeeld. Een nadeel daarvan is dat je bij het bekijken van het cirkeldiagram steeds met je ogen heen en weer moet tussen de cirkel en de legenda. Dat maakt het bekijken van de grafiek wat onrustig. Een andere oplossing kan zijn om niet alleen de percentages bij de sectoren te zetten, maar ook de namen van de groepen. Je krijgt dan zoiets als in figuur 5.

Vanwege al deze problemen is het beter om de gegevens in de vorm van een staafdiagram te presenteren. Dat is gebeurt in figuur 2. Balken in plaats van taartpunten dus. De lengtes van die balken zijn goed vergelijkbaar, zeker als je ze ook nog van groot naar klein ordent (of omgekeerd).

Figuur 2. Een staafdiagram van de gegevens in figuur 1

development

Het is ook duidelijk welke groep bij welke balk hoort. De namen staan keurig bij die balken. Verder kunnen alle balken dezelfde kleur krijgen. Het zou zelfs ook een grijstint kunnen zijn. Daarmee verdwijnt het problemen van het vinden van een serie ongeveer even verzadigde kleuren die toch voldoende contrasteren.

Toegegeven, een staafdiagram is een stuk saaier dan een vrolijk gekleurd cirkeldiagram. Maar daar gaat het ook niet om. Waar het wel om gaat is dat de grafiek de boodschap in de gegevens op een simpele en duidelijke manier overbrengt. Daarvoor het staafdiagram beter geschikt.

Een wel heel slecht voorbeeld van een cirkeldiagram stond in september 2013 in de regionale krant Alphen.cc. Het was een prognose voor de gemeenteraadsverkiezingen die in november 2013 in Alphen a/d Rijn, Boskoop en Rijnwoude zouden worden gehouden. Er is van alles mis met deze grafiek. Zo zijn er heel veel sectoren. En ze zijn moeilijk uit elkaar te houden omdat de kleuren nog al op elkaar lijken. Verder zijn nergens percentages te vinden. Dat maakt het erg lastig om de verschillende partijen met elkaar te vergelijken.

Figuur 3. Een wel heel slecht cirkeldiagram

alphen-cc-400

Het cirkeldiagram heeft dus tekortkomingen. Beperk het gebruik ervan daarom zoveel mogelijk. Zo adviseert Statistics Canada, het statistisch bureau van Canada, om alleen een cirkeldiagram te maken als er hooguit zes verschillende groepen zijn, die groepen niet allemaal ongeveer even groot zijn, en het doel is om aan te geven welk aandeel een groep in het geheel heeft. Figuur 4 bevat een cirkeldiagram dat hier redelijk aan voordoet. Het gaat hier om het aantal auto’s per huishouden. De cijfers zijn afkomstig van het CBS en gaan over 2013. Er zijn slechts vier groepen. Ook staan de namen bij de sectoren, zodat een legenda niet nodig is. Omdat het aantal auto’s per huishouden een natuurlijke volgorde heeft (geen auto’s, één auto, twee auto’s en drie auto’s of meer), zijn er tinten van één kleur gebruikt en niet vier verschillende kleuren.

Figuur 4. Een goed cirkeldiagram

auto-huishouden

Figuur 5 toont nog een ander cirkeldiagram. Het is de uitslag van de gemeenteraadsverkiezingen in de fusiegemeente Alphen a/d in november 2013. Ook hier is het gelukt om percentages en namen bij de sectoren te plaatsen. Omdat er geen natuurlijke volgorde is, hebben de sectoren verschillende kleuren gekregen. Maar eigenlijk zijn er teveel verschillende groepen.

Figuur 5. Een redelijke cirkeldiagram

verkiezingen-alphen-1

Er zijn nog twee variaties op het cirkeldiagram die regelmatig langskomen in de media. De eerste is het cirkeldiagram met driedimensionaal perspectief. Als voorbeeld bevat figuur 6 de 3D-versie van de grafiek in figuur 5.

Door het driedimensionaal perspectief vervormen de sectoren. De sectoren aan de voorkant en achterkant zijn kort en breed (zoals die van de ChristenUnie), terwijl sectoren aan zijkant smal en lang zijn (zoals die van de GroenLinks). Daardoor is het nog moeilijker om sectoren met elkaar te vergelijken. Verder lijken sectoren aan de voorkant groter omdat ook de zijkant van het cirkeldiagram zichtbaar is (zoals bij D66). Merk op dat deze grafiek een legenda heeft, omdat er onvoldoende ruimte is om de namen van de groepen bij de sectoren te zetten. Het zal duidelijk zijn dat het gebruik van cirkeldiagrammen met een driedimensionaal perspectief sterk moet worden afgeraden.

Figuur 6. Een cirkeldiagram in driedimensionaal perspectief

verkiezingen-alphen-2

Figuur 7 bevat een cirkeldiagram waarin de verschillende sectoren uit elkaar zijn getrokken. Ze noemen dit in het Engels een ‘exploding pie chart’. De taart is als het ware in punten gesneden en die punten zijn uit elkaar gehaald. Dit vertroebelt de interpretatie van de grafiek nog meer. Het dient geen enkel doel.

Figuur 7. Een cirkeldiagram met elkaar getrokken sectoren

verkiezingen-alphen-3

Figuur 7 is een slecht cirkeldiagram vanwege het driedimensionaal perspectief en de uit elkaar getrokken sectoren. Ook als je het driedimensionaal perspectief verwijdert, blijft het moeilijk om het overblijvende grafiek met uit elkaar getrokken sectoren te interpreteren. Er is misschien één situatie waarin het wel acceptabel is, en dat is de situatie waarin je één sector heel veel nadruk wilt geven. Dan kun je alleen die sector uit de cirkel wegtrekken.

In de meeste gevallen is een staafdiagram dus beter dan een cirkeldiagram. Figuur 8 bevat het staafdiagram voor de gegevens die ook in figuren 5 t/m 7 zijn gebruikt: de uitslag van de gemeenteraadsverkiezingen in Alphen a/d Rijn in 2013.

Figuur 8. Een goed staafdiagram

verkiezingen-alphen-4

Bij het maken van een goed staafdiagram moet je op een aantal zaken letten. Die zijn samengevat in de volgende vuistregels:

  • Teken de staven horizontaal in plaats van verticaal. Dan is er meer ruimte voor (horizontale) teksten. Bovendien kan er zo geen verwarring ontstaat met een histogram.
  • Als de staven opeenvolgende tijdstippen voorstellen, dan is het wel redelijk om de staven verticaal te tekenen. De horizontale as geeft dan de tijd aan. Het is gebruikelijk om de tijd-as horizontaal te tekenen.
  • Teken de staven niet tegen elkaar aan, maar zorg voor enige tussenruimte. Zo wordt duidelijk dat het allemaal aparte groepen zijn. Dit is ook bedoeld om verwarring met een histogram te voorkomen.
  • Als de groepen geen natuurlijke volgorde hebben, kunnen je de staven ordenen van klein naar groot (of van groot naar klein).
  • Geef alle staven dezelfde kleur (of grijstint).
  • Eventueel kun je percentages zetten bij de staven.
  • De horizontale as moet bij 0 beginnen. Beginnen bij een grotere waarde kan makkelijk leiden tot verkeerde interpretatie. Om dezelfde reden moet je ook scheurlijnen vermijden.
  • Hulplijnen kunnen helpen bij het aflezen van de lengte van de staven. Teken ze niet te opvallend.
  • Vermijdt allerlei onnodige toeters en bellen (‘chart junk’). Die vertroebelen de interpretatie van de grafiek.
  • Gebruik geen driedimensionaal perspectief.

Het staafdiagram in figuur 8 voldoet aan de vuistregels. Hieronder staan nog drie voorbeelden van zo het niet moet. Figuur 9 toont een staafdiagram met verticale staven in plaats van horizontale staven. Er is duidelijk te weinig ruimte om alle teksten horizontaal neer te zetten. Vooral onder de staven is er erg weinig ruimte voor de namen van de groepen. Het is hier opgelost door de namen schuin te zetten en af te korten. Dat bevordert niet de interpretatie.

Figuur 9. Een staafdiagram met verticale staven

verkiezingen-alphen-5

Figuur 10 bevat een staafdiagram dat werd gebruikt in het tv-programma EénVandaag op 29 januari 2014. De grafiek geeft het verloop weer van het aantal zetels voor de twee coalitiepartijen VVD en PvdA in de opeenvolgende peilingen. Je krijgt de indruk dat die coalitie in september vrijwel geen zetels meer over heeft. Maar je wordt op het verkeerde been gezet. Bij nadere beschouwing blijkt dat de verticale as van de grafiek niet bij 0 begint, maar bij 30. Daardoor lijken de veranderingen in de tijd veel spectaculairder dan ze in werkelijkheid zijn. Als je as bij 0 laat beginnen, krijg je een eerlijker beeld.

Figuur 10. Een staafdiagram met een as die niet bij 0 begint

gijs-grafiek2

Merk op dat het staafdiagram in figuur 10 verticale staven heeft. Dat kan hier omdat de grafiek het verloop in de tijd (van maand tot maand) weergeeft.

Ten slotte bevat figuur 11 een voorbeeld van een staafdiagram met een driedimensionaal perspectief. De grafiek is op 28 oktober 2013 gepubliceerd door het dagblad Trouw. De grafiek toont een opiniepeiling van Maurice de Hond. Door het driedimensionale perspectief zijn de rode staven soms erg slecht zichtbaar. Ook is het lastig om af te lezen welke waarden precies bij de staven horen. De onrustige achtergrond (‘chart junk’) helpt ook niet echt. Kortom, niet doen!

Figuur 11. Een staafdiagram met een driedimensionaal perspectief

trouw-peil