Daalt het aantal inwoners per woning echt zo snel?

Een van de meest voorkomende fouten bij het maken van grafieken is het rommelen met de assen. Als het in de grafiek gaat om hoeveelheden, is er een natuurlijk nulpunt. Daar moet de as beginnen. Helaas is dit lang niet altijd het geval. De ontwerper van de grafiek laat de as bij een andere waarde beginnen. Daardoor lijken de getoonde verschijnselen spectaculairder dan ze in werkelijkheid zijn. Een duidelijk voorbeeld hiervan stond op 1 augustus 2021 op de website van de NOS. De grafiek ging over het afnemen van het gemiddeld aantal mensen per woning.

De grafiek is overgenomen uit een rapport van onderzoeksbureau Platform31. Hij bevat een lijngrafiek van het gemiddelde aantal mensen per woning in de periode van 1970 t/m 2018. Zo op het oog lijkt er sprake van een spectaculaire afname van het aantal mensen per woning. Als je niet goed oplet, zou je zelfs kunnen denken dat er na 2018 bijna niemand meer over is. De rode trendlijn nadert immers de horizontale as. Dat zou echter een overdreven conclusie zijn. Nadere beschouwing van de grafiek leer immers dat de verticale as niet bij 0 begin, maar bij 2.0. Het gemiddeld aantal mensen per woning komt niet onder de 2.0.

Om dit soort misverstanden te voorkomen is het beter om de as bij 0 te laten beginnen. Dit geeft een realistischer beeld van de situatie. In de grafiek hieronder is de situatie gerepareerd. De verticale as begint nu bij 0. Een vluchtige blikt wijst uit dat het aantal mensen per woning nog wel daalt maar niet zo snel als in de eerste grafiek. Bovendien is duidelijker te zien dat er in 2018 nog wel mensen in de woningen overblijven (zo’n 2.2). En de grafiek sluit niet uit dat het gemiddelde aantal mensen per woning zich in de toekomst rond de 2.2 stabiliseert.

Alhoewel de eerste grafiek niet echt fout is, moet je wel meer moeite doen om hem op de juiste manier te interpreteren. Bij de tweede grafiek is interpretatie eenvoudiger. Merk op dat er in de gerepareerde grafiek ook verticale roosterlijnen zijn toegevoegd. Die helpen bij het aflezen van waarden in de grafiek. De roosterlijnen zijn grijs en niet zwart. Dat voorkomt dat ze de grafiek teveel gaan overheersen.

Bij de horizontale en de verticale as ontbreken de titels. Daardoor is het niet duidelijk wat die assen precies voorstellen. In de verbeterde grafiek zijn die titels toegevoegd: ‘Aantal inwoners per woning’ bij de verticale as en ‘Jaar’ bij de horizontale as. Zo blijft het oppassen met grafieken. Goede grafieken kunnen een krachtig hulpmiddel zijn om een statistische boodschap op eenvoudige wijze over te brengen, maar slechte grafieken kunnen je ook op het verkeerde been zetten. Houd je dus aan de richtlijnen.