Is ‘prikspijt’ wel woord van het jaar?

Op 21 december 2021 werd 'prikspijt' door woordenboekmaker Van Dale uitgeroepen tot het Woord van het Jaar 2021. Het woord kreeg in een online peiling ruim 82% van de in totaal 49.000 uitgebrachte stemmen. Dat is een bijzonder hoog percentage. Het is zo hoog dat het argwaan oproept. Is het echt zo dat 82% van alle Nederlanders vindt dat ‘prikspijt’ het Woord van het Jaar is? Kortom was de peiling van wel representatief?

Nadere beschouwing leert dat de peiling helemaal verkeerd was opgezet. Als je een goede, representatieve peiling had willen uitvoeren, dan had je de steekproef netjes moeten loten uit de hele bevolking. Deze peiling was echter gebaseerd op zelfselectie. Iedereen die dat wilde, kon meedoen aan de peiling. In de praktijk betekent dit dat alleen personen meededen die de peiling zagen langskomen op internet en het wel leuk vonden om eraan mee te doen. Dat leidt niet tot een representatieve peiling. In tegendeel, er is een groot gevaar dat de peiling wordt gemanipuleerd. En dat is ook gebeurd.

De stemmers konden kiezen uit 15 genomineerde woorden: ‘boosterprik’, ‘deltavariant’, ‘doorbraakinfectie’, ‘finfluencer’, ‘gevoeligheidslezer’, ‘grotsyndroom’, ‘intimiteitsvacuüm’, ‘memeaandeel’, ‘pandemocratie’, ‘prikpolarisatie’, ‘prikspijt’, ‘QR-samenleving’, ‘vaccinatievoordringer’, ‘wappiegeluid’ en ‘woonprotest’. Zo’n 49.000 personen brachten hun stem uit. Winnaar werd, met een overweldigende meerderheid van 82,2%, het woord ‘prikspijt’. Op de tweede plaats, met veel minder stemmen, eindigde ‘woonprotest’ met 3,7% van de stemmen. Op de derde plaats kwam ‘wappiegeluid’ met 3,6%.

Waar kwam dat overweldigende aantal stemmen voor ‘prikspijt’ vandaan? Nader onderzoek leert dat in de sociale media door veel mensen is opgeroepen om toch vooral op dit woord te stemmen. Het lijkt erop dat de stemmers op ‘prikspijt’ vooral uit de hoek van de antivaxers kwamen. Dus deze groep was zwaar oververtegenwoordigd in de peiling. Daarom moeten we concluderen dat de peiling niet representatief was. Hij was gemanipuleerd.

Als je een peiling uitvoert op basis van zelfselectie, dan loop je altijd het risico dat de uitkomsten niet representatief zijn. Om deze problemen te vermijden , moet je de een aselecte steekproef trekken. Daarbij krijgt iedereen dezelfde kans om in de steekproef te komen. Hieronder volgen nog een paar voorbeelden van manipulatie in peilingen op basis van zelfselectie.

We beginnen met een al wat ouder voorbeeld. Dat is de NS Publieksprijs. In 2005 werd de winnaar via een zelfselectie-peiling bepaald. Je kon stemmen op één van de zes genomineerde boeken, maar je kon ook zelf een boek opgeven. In totaal brachten 92.000 mensen hun stem uit. Tot verbazing van iedereen werd niet een van de genomineerde boeken tot winnaar gekozen. 72% van de stemmers koos voor de Nieuwe Bijbelvertaling. Deze uitslag was het resultaat van een campagne gevoerd door onder anderen het dagblad Trouw, de Evangelische Omroep, het Nederlands Bijbelgenootschap, de Katholieke Bijbelstichting en de Protestantse Kerk om te stemmen op de nieuwe Bijbelvertaling. Het is wel duidelijk dat de stemmers geen goede afspiegeling vormen van de Nederlandse bevolking.

Het tweede voorbeeld gaat ook over het woord van het jaar, maar dan in 2014. Op 16 december van dat jaar maakte de redactie van de Dikke Van Dale bekend dat ‘dagobertducktaks’ was gekozen tot woord van het jaar. In een peiling kon je kiezen uit 10 genomineerde woorden. 60.000 mensen deden dat. Het woord ‘dagobertducktaks’ kwam op de eerste plaats met 18% van de stemmen. Op de tweede plaats eindigde ‘moestuinsocialisme’ met 14% van de stemmen. Auteur en taalkundige Wim Daniëls vond het maar niks dat ‘dagobertducktaks’ had gewonnen. In het journaal van de NOS (het achtuurjournaal van 16 december 2014) vertelde hij dat de peiling in zijn ogen niet eerlijk geweest omdat het FNV haar leden had opgeroepen om op dit woord te stemmen. Dat hadden ze gedaan. En zo won ‘dagobertducktaks’. Wim Daniëls had gehoopt dat ‘moestuinsocialisme’ zou winnen. Hij had op dat woord gestemd. Dat woord was in zijn ogen de echte winnaar. Het item in het journaal wekte de suggestie op dat de verkiezing niet eerlijk was verlopen. En de schuld daarvan werd gelegd bij het FNV die haar leden had opgeroepen op ‘dagobertducktaks’ te stemmen en niet op ‘moestuinsocialisme.

Een derde voorbeeld is afkomstig van het programma Vroege Vogels. Op de website van dit programma werd een peiling geplaats waarin de bezoekers zich konden uitspreken over een verbod op particulier vuurwerk. Aanvankelijk verliep de peiling naar verwachting. Zo’n 90% van deelnemers wilde een verbod op vuurwerk. Maar toen kwam er een kentering. Ineens waren er duizenden tegenstanders van een vuurwerkverbod. Op zondagmorgen 28 december 2014 hadden bijna 5.000 mensen hun stem uitgebracht. Nog maar 46% was voor een vuurwerkverbod en een meerderheid van 53% was tegen. Dat was een behoorlijke omwenteling. Hoe kon dat? Enig onderzoek leerde dat ook de voorstanders van vuurwerk de website hadden ontdekt. Een voorbeeld daarvan was de website ‘Freakpyromaniacs.com’. In het forum op deze website werden de vuurwerkliefhebbers opgeroepen naar de website van Vroege Vogels te gaan en te stemmen tegen een vuurwerkverbod. En dat deden ze dus.

Deze voorbeelden tonen de gevaren van online peilingen die zijn gebaseerd op zelfselectie. Daarom moet je heel voorzichtig zijn als je de uitkomsten van zulke peilingen wilt gebruiken. Het zou heel goed kunnen dat de uitkomsten ernstig vertekend zijn. Ook dreigt het gevaar van manipulatie.

Als het bij een online peiling niet duidelijk is hoe de steekproef is getrokken, kun je dit beter eerst uitzoeken. En als er geen informatie beschikbaar is, dan kun je maar beter niet al te veel waarde hechten aan de uitkomsten van de peiling.

Reacties

  1. Steven de Bie schreef:

    We roepen dit al sinds de komst van panelonderzoek en we zullen dit blijven roepen tot de dood ons scheidt. Keep up the good work!

Reacties zijn gesloten.